Home » Product info » Aardappelen

Aardappelen

De Aardappel en zijn geschiedenis

Solanum Tuberosum L.  /1303/

De Aardappel is een typisch Nederlands produkt, al is hij van oorsprong Zuid- Amerikaans. In feite is de Aardappel een immigrant die in de zestiende eeuw in het zuiden van Europa aankwam. Voordat de Spanjaarden in Zuid-Amerika de Aardappel ontdekten, was hij al meer dan 8000 jaar het favoriete cultuurgewas van de Indianen. Na de ontdekking van Amerika in 1492 door Columbus, veroverden de Spanjaarden in Zuid- Amerika het Andes-gebergte. Op zoek naar het goud van de Inca's ontdekten ze de Aardappelplant. Op een hoogte waar andere landbouwgewassen niet meer groeien, verbouwden de Inca's al honderden jaren Aardappelen. De pieper was het dagelijks voedsel van de Indianen.

Monniken

In 1570 brachten de Spanjaarden de Aardappel uit Peru naar Europa. Katholieke monniken pootten in het Spaanse Sevilla de eerste Aardappelen in hun kloostertuinen. De boeren wilden aanvankelijk niets van de Aardappel weten. Omdat het loof en de bessen van de plant giftig zijn, dacht men dat de knollen ook erg ongezond waren. En dat de Aardappel zich op twee manieren kan voortplanten met zaadjes uit de bessen maar vooral ook door het poten van de knollen, was duivelswerk. De Aardappel diende in de zestiende eeuw als medicijn tegen ziekten. Het zijn de monniken geweest die voor de verspreiding van de Aardappel hebben gezorgd. Via Spanje kwam de Aardappel in Frankrijk terecht.

Triomftocht

Via veel omzwervingen bereikte de Aardappel aan het einde van de 16e eeuw de Nederlandse bodem. Dat gebeurde in de provincie Zeeland, waar de priester Petrus Hondius in het begin van de zeventiende eeuw met Aardappelplanten experimenteerde. Al spoedig zagen de Zeeuwse boeren de waarde in van het nieuwe gewas en voegden het toe aan hun traditionele teelten. Het Zeeuwse voorbeeld vond navolging en vanuit het zuidwesten begon de Aardappel een ware triomftocht over de Nederlandse akkers.
Zo ging de Aardappel langzaam maar zeker een steeds belangrijker rol spelen in de voedselvoorziening van de bevolking. De Aardappel die in ons land aanvankelijk als varkensvoer en 'slegte' kost werd beschouwd, kreeg meer en meer de rol van volksvoedsel. Aardappelen waren goedkoper dan graan (brood). De knol diende als vervanger van groente en won zo aan populariteit. Naast goedkope groenten en haring, aten arbeiders bijvoorbeeld meestal Aardappelen. Schilders als Vincent van Gogh (1835-1890) hebben Aardappeletende mensen geschilderd. Door zijn hoge gehalte aan vitamine C werd de knol een geducht bestrijder van de veel voorkomende ziekte scheurbuik. Geleidelijk verspreidde de Aardappel zich over heel Europa. In de zeventiende eeuw begon men in alle Europese landen Aardappelen te verbouwen. In de eeuwen die volgden ontwikkelde de Aardappel zich in kwaliteit en variatie.
Voor het kweken van nieuwe aardappelrassen gebruikt men nog steeds wilde Aardappelplanten uit de hoogvlakten van Peru

En de boer...

...hij ploegde voort. Na het bemesten volgt in oktober het ploegen van de grond. Tijdens de wintermaanden wordt de grond met rust gelaten. In het voorjaar neemt de bedrijvigheid op de akkers weer toe.
De telers maken het veld klaar voor het poten van het pootgoed. De Aardappelteler ontvangt zijn pootgoed. Dat bewaart hij eerst nog even om er voor te zorgen dat de Aardappelen kiemen. Er komen dan kleine uitlopers aan de knollen. Dat bevordert een snelle opkomst van de Aardappelplant na het poten. Daarna rangschikt een pootgoedmachine de Aardappelen in rijen op het veld en schuift er losse grond overheen. Zo ontstaan ruggen van grond. In mei worden deze opgehoogd. Hierdoor kan de Aardappelplant mooie knollen vormen.

Op het land

Grote oogstmachines, die de Aardappeloogst van het land halen, bepalen aan het eind van de zomer het beeld van de Aardappelteeltgebieden. De oogst bestaat uit Aardappelen van allerlei rassen die van elkaar verschillen in vorm, kleur, smaak en kookeigenschappen. Deze aardappelrassen kunnen we onderverdelen in vroege, middenvroege, middenlate en late rassen. De grote oogst vindt plaats tussen half augustus en half oktober  en heet ook wel hoofdoogst.